Abdolah, Kader - De kraai

Mijn eerste kennismaking met deze populaire schrijver. Ik vond zijn boekenweekgeschenk… aardig. Veel verder kom ik niet.

De lezer krijgt het verhaal van de man die moet vluchten uit Perzië, dat dan al Iran heet, als een hinkstapsprong voorgeschoteld. Dat hoeft nog niet zo vervelend te zijn, maar het blijft bij schetsen, bij korte anekdotische momentopnamen, die ogenschijnlijk willekeurig aan elkaar lijken geplakt. Vanuit het nu, de Nederlands/Perzische koffiemakelaar die 's avonds op zijn zolder gehoor geeft aan zijn schrijversbehoefte, zijn we via flashbacks getuige van zijn eerste schrijverservaringen, in Perzië. Na omzwervingen belandt hij bij toeval in Nederland.

Het boekje is gelardeerd met verwijzingen en citaten uit Nederlandse klassieken, te beginnen bij de tweede zin van het boekje: ‘Ik ben makelaar in koffie, en woon op de Lauriergracht no.37’, wat mij direct aan Multatuli deed denken. Andere citaten worden met naam en toenaam gebruikt. De schrijver besluit uiteindelijk om in het Nederlands te gaan schrijven. Hij heeft veel romans op de plank liggen, maar nog niemand heeft het willen uitgeven. En als een rode draad door het hele boekje figureren kraaien, als een soort van goddelijke aanwezigheid, als steun in de rug, als controleur of als gesprekspartner of iets wat ik niet heb kunnen waarnemen.

Ik vond het al met al magertjes en heeft mij zeker niet in ’s mans oeuvre getrokken. Het taalgebruik is wat plat en onopvallend. Het verhaal en de compositie zijn aardig zonder meer, maar maken nergens indruk. Nu ja, het kan niet altijd feest zijn.

Gelezen: maart 2011

Boeken algemeen